Het DNA-laboratorium van professor Michel Georges te Luik heeft een tweede mutatie ontdekt op het gen dat het krommestaartsyndroom (SQT) veroorzaakt.
In de Belgische witblauwpopulatie werden tot voor kort vaak dieren aangetroffen met een korte, verbrede kop die extreem extreem bespierd waren ter hoogte van de rug. Een gleuf ter hoogte van de wervelkolom was zichtbaar en een kromming van de staart, naar links of rechts. De kalveren vertoonden ten opzichte van hun leeftijdsgenoten een achterstand in de groei.
Het gemuteerde gen dat dit krommestaartsyndroom (SQT) veroorzaakt werd eind 2007 gelokaliseerd. Een DNA-test kwam op de markt in de lente van 2008. Zo’n 25 procent van de ki-stieren bleek drager te zijn van de mutatie.
Colos van Daisel
De ki-stier Colos van Daisel werd na deze DNA-analyse 'vrij' verklaard van het gebrek (+/+). Toch werden er kalveren geboren van deze stier met klinische symptomen van SQT. Na uitgebreid onderzoek is gebleken dat de stier drager is van een andere mutatie op hetzelfde gen, SQTc genaamd. Dat schakelt het goed functioneren van het gen uit. Als dieren die drager zijn van deze tweede mutatie (SQTc/+), gepaard worden met dieren die drager zijn van de eerste mutatie (SQT/+), leidt dit in 1 op de 4 gevallen eveneens tot nakomelingen (SQTc/SQT) die het krommestaartsyndroom effectief vertonen.
De tweede mutatie is volgens de onderzoekers slechts sporadisch in de populatie aanwezig. Uit een steekproef op 500 kalveren is gebleken dat slechts 1 procent van de dieren drager is. Een DNA-test SQTc is nu in ontwikkeling, zodat de ki-organisaties en de veehouders hun dieren kunnen laten testen. De test SQT zal in de toekomst automatisch beide mutaties onderzoeken.
Heeft u nieuws dat voor de redactie interessant is? Laat het ons weten!
mutaties
Heeft u ook Mengele
Laat een reactie achter